Waarom God zijn aangezicht soms moet verbergen...

Er is een chassidisch verhaal van een rebbe (rabbijn) die buiten komt en z'n dochtertje ziet huilen.
Hij vraagt: "Waarom huil je?"
Dan antwoordt ze: "We waren verstoppertje aan het spelen, maar ze zoeken me niet."
Daarop zegt de rebbe: "Zo voelt God zich ook. Hij heeft zich verstopt opdat wij Hem zouden zoeken, maar niemand zoekt Hem."

Omdat niemand zich meer zo diep wil bukken...

Aan een joodse rabbi werd door een leerling een vraag gesteld:
"Vroeger waren er mensen die God van aangezicht tot aangezicht zagen. Waarom zijn die er vandaag niet meer?"
De rabbi antwoordde: "Omdat vandaag niemand zich meer zo diep wil bukken."

Bidden met open ogen

Een man staat te bidden terwijl zijn kind naast hem staat te huilen.
Op dat moment komt er een rabbijn langs die hem op verwijtende toon zegt: "Hoor je niet dat je kind huilt?"
"Nee", antwoordt de man, "ik ben toch aan het bidden?"
"Je bent niet echt aan het bidden", zegt de rabbijn dan, "want als je bidt, dan zie je zelfs elk vliegje op de muur."

God zien …

De keizer van Rome zegt op een dag tegen rabbi Jehosjoea ben Chananja:
“Nu wil ik jullie God zien.”
“Onmogelijk”, zegt de Torageleerde.
“En toch wil ik hem zien.”
De rabbi neemt de keizer mee naar buiten en zet hem met zijn gezicht helemaal in de zon.
”Kijkt u maar eens recht in de zon.”
“Dat kan helemaal niet”, zegt de keizer, “dat is oogverblindend”
“Precies”, zegt de rabbi, “de zon is maar één van de vele dienaren van God in de wereld. U kunt er niet eens in kijken. Hoe zou U dan de oogverblindende majesteit van God kunnen aanschouwen?”

Gods soevereiniteit ten opzichte van de bidder

Een arme sloeber richt zich tot God en zegt:
“O God, voor U is duizend euro als één dubbeltje. Voor U is honderd jaar als één seconde. Ach God, geef mij toch één van Uw dubbeltjes.”
Dan komt er een stem uit de hemel: “Eén seconde alstublieft.”

Als de Messias komt …

In Den Briel leefde in 1942 Michael Cohen. Hoewel de joodse gemeente alleen maar naar de synagoge kwam om de feestdagen te vieren, zong hij daar toch iedere sabbat de lofpsalmen. Alleen, want een dienst kan pas gehouden worden als er tien joodse mannen aanwezig zijn, een minjan.
De mensen vroegen hem: “Wat heeft dat voor zin als toch niemand je hoort?”
Maar Cohen antwoordde: “Stel je voor dat de Messias vandaag zou komen, en stel je voor dat hij in Den Briel zou komen en naar onze synagoge zou gaan. Dan zouden we het toch niet kunnen maken dat daar de lof van God niet gezongen zou worden?”
Mensen als Cohen worden rechtvaardigen genoemd. In de joodse traditie spelen de 36 rechtvaardigen die er altijd zullen zijn, zowel uit Israël als uit de volkeren, een grote rol. Rechtvaardigen zijn van grote betekenis voor de wereld.